.

Onderzoeken vliegveiligheid en geluid

Op deze pagina vindt u informatie over de onderzoeken naar de effecten van zonneakkers op vliegveiligheid en geluidsbelasting.

Waarom is er onderzoek gedaan?

In het Beleidskader Zonneakkers Haarlemmermeer is aangegeven dat zonneakkers geen nadelige gevolgen mogen hebben voor de vliegveiligheid en de geluidsbelasting in het gebied. Omdat zonneakkers op deze schaal en rondom een grote luchthaven als Schiphol nog relatief nieuw zijn, krijgen we daar vaak vragen over. Van inwoners, dorpsraden en initiatiefnemers. Daarom heeft de gemeente twee onderzoeken laten uitvoeren.

  1. Onderzoek naar het effect van zonneakkers op de vliegveiligheid, door bureau To70;
  2. Onderzoek naar het effect van zonneakkers op geluid van vliegtuigen, door TNO.

Welke plaats hebben de onderzoeken in de vergunning?

Deze onderzoeken geven een eerste inzicht in de te verwachte effecten. Initiatiefnemers kunnen de onderzoeken als startpunt gebruiken voor de benodigde project-specifieke vervolgonderzoeken. Deze zijn nodig voor de vergunningverlening.

Vliegveiligheid

De gemeente heeft niet de bevoegdheid en kennis om de vliegveiligheid bij een zonneakker af te wegen. Daarom verlangen wij bij de vergunningsaanvraag een onderzoek van de initiatiefnemer en een verklaring van de relevante bevoegde instanties, zoals de Inspectie Leefomgeving en Transport (ILT). Zij toetsen of aan de wettelijke kaders rondom vliegveiligheid wordt voldaan. Ter onderbouwing levert de initiatiefnemer een project-specifiek onderzoek aan waarin alle relevante onderwerpen onderzocht worden. Uit de conclusies van het rapport zal moeten blijken welke maatregelen er nodig zijn om de vliegveiligheid te waarborgen. Hiervoor kan ook afstemming nodig zijn met andere instanties zoals de Veiligheidsregio Kennemerland (VRK).

Geluid

Het gebruik van een zonneakker brengt op zichzelf geen geluidsbelasting met zich mee. De zonnepanelen maken geen lawaai. Maar, de vraag voor dit gebied is of zonnepanelen de geluidsbelasting van andere bronnen verergeren. Ter onderbouwing voor de vergunning laat de initiatiefnemer daarvoor een project-specifiek onderzoek uitvoeren. Daarin wordt in ieder geval gekeken naar de effecten van zonnepanelen op het geluid van rijkswegen en vliegtuigen. Uit de conclusies van het rapport zal moeten blijken welke maatregelen er nodig zijn om de geluidsbelasting niet te vergroten.

Samenvatting onderzoek vliegveiligheid

Bureau To70 heeft onderzocht wat de effecten zijn op de vliegveiligheid als er zonneakkers binnen het zonnecarré geplaatst worden. De zonnecarré is het gebied dat de gemeenteraad aangewezen heeft als zoekgebied voor grootschalige zonneakkers Omdat het om een groot gebied gaat is het zonnecarré voor dit onderzoek in vier delen opgesplitst:

  1. Array 1. De noordwesthoek van het zonnecarré. Grofweg ten noorden van de Polderbaan, aan beide zijden van de A9;
  2. Array 2. Het midden van het zonnecarré. Grofweg tussen de Polderbaan en Zwanenburgbaan;
  3. Array 3. De noordoosthoek van het zonnecarré. Tussen de N520, N232 en A4;
  4. Array 4. De zuidkant van het zonnecarré. Tussen de twee banen, het Pad om de Noord en de IJweg.

Voor alle gebieden zijn de mogelijke veiligheidsrisico’s in kaart gebracht. Een belangrijk onderwerp is de weerspiegeling van zonlicht op de panelen die mogelijk hinderend kan zijn voor piloten of luchtverkeersleiding. Daarvoor zijn naast de 4 gebieden ook aanvullende observatiepunten toegevoegd aan de modellen. Daarnaast is onder andere gekeken naar de effecten van zonnepanelen (en omvormers) op communicatieapparatuur, toegankelijkheid van reddingsdiensten, turbulente luchtstromen en het beperken van obstakels op de grond.

Schittering

Over het algemeen zijn zonnepanelen minder weerspiegelend dan vaak wordt gedacht. Ze weerspiegelen bijvoorbeeld minder dan een betonnen oppervlakte. Uit de studie blijkt dat zonnepanelen voor de meeste observatiepunten – en gedurende het hele jaar – onder de veilige grenswaarde voor instraling in het oog blijft. In een aantal gevallen wordt die waarde overschreden. Met name in delen van Array 2 en 3. De schittering kan worden verminderd door de zonnepanelen onder een grotere hoek t.o.v. de grond te plaatsen of de oriëntatie te wijzigen. Een andere type opstelling (zoals een ‘oost-west’ opstelling) kan voor bepaalde observatiepunten helpen, maar kan de schittering ook verplaatsen. Er wordt maatwerk aangeraden. Daarnaast wordt aangeraden om instanties zoals LVNL en de luchtvaartmaatschappijen op de hoogte te stellen van de ontwikkelingen.

Interne veiligheid

Een landend vliegtuig is kwetsbaar voor schade door voorwerpen op de grond (interne veiligheid). Zonnepanelen en de frames waarop ze gemonteerd zijn, kunnen extra schade veroorzaken in geval van een ongeval. Er wordt daarom geadviseerd geen zonnepanelen te plaatsten in het verlengde van de start- en landingsbanen (overeenkomstig met de LIB 1 en 2 gebieden) zonder maatregelen te nemen. Die maatregelen zijn bijvoorbeeld een noodstop zodat de stroom direct wordt uitgeschakeld bij een ongeval of het extra breekbaar maken van de frames waarop de panelen zijn gemonteerd. Maar, vanuit de LIB-wetgeving gelden er geen beperkingen voor zonneakkers in het gebied.

Overige risico’s

Voor de overige veiligheidsrisico’s trekt het onderzoek de volgende conclusies:

  • Zonneakkers zijn voldoende laag zodat de ‘ground control’ voertuigen niet belemmerd worden;
  • Zichtlijnen vanuit de verkeerstorens worden niet verstoord;
  • Er moet rekening worden gehouden met de beschermde gebieden rondom communicatieapparatuur. Plaatsing van zonnepanelen in die gebieden vraagt nader onderzoek en goedkeuring door de bevoegde instantie;
  • Gebruikte omvormers moeten gecontroleerd worden op elektromagnetische storing, specifiek voor de frequenties die in gebruik zijn op Schiphol;
  • Er moet voldoende ruimte gehouden worden bij toegangswegen voor noodsituaties;
  • Er wordt geadviseerd om bij het ontwerp en beheerplan aandacht te besteden aan het verkleinen van het risico van vogelaanvaringen;
  • De zonnepanelen en randapparatuur hebben geen gevaar om in de motor van startende vliegtuigen gezogen te worden;
  • Turbulente luchtstroomeffecten bij typische opstellingen van zonnepanelen zijn gering. Omdat de hoogte van de opstelling beperkt is, worden geen mitigerende maatregelen voorgesteld.

Samenvatting onderzoek geluid

Op basis van de inschatting van onze geluidsexpert, is een gebied binnen het zonnecarré aangewezen als meest interessante om te onderzoeken. Mede vanwege de ligging van de banen, de vliegrichting van vliegtuigen en de afstand tot woningen. Het gaat om het gebied tussen de Polderbaan en Hoofddorp Noord. In dit gebied zijn in het verleden ook de zogenoemde ‘ribbels’ aangelegd om het laagfrequente geluid van startende vliegtuigen te dempen. De ribbels liggen pal aan de Polderbaan en in park Buitenschot. Daartussen liggen 6 agrarische kavels.

TNO heeft berekend wat het effect zou zijn op de geluidsbelasting bij woningen (achter park Buitenschot), wanneer er zonneakkers aan het gebied worden toegevoegd. Daarvoor zijn 6 varianten doorgerekend. Deze zijn weer vergeleken met de bestaande situatie (variant 0) om het verschil te meten. De varianten zijn:

  1. Zonnepanelen in ‘zuid’ opstelling (lees: zuidwest, vanwege de kavelstructuur) op alle 6 de kavels;
  2. Zonnepanelen in ‘oost-west’ opstelling (lees: noordoost-zuidwest vanwege de kavelstructuur) op alle 6 de kavels;
  3. Zonnepanelen op de bestaande geluidsribbels;
  4. Zonnepanelen in ‘zuid’ opstelling op de twee kavels het dichtste bij de Polderbaan;
  5. Zonnepanelen in ‘oost-west’ opstelling op de twee kavels het dichtste bij de Polderbaan;
  6. Zonnepanelen in verticale opstelling met grotere onderlinge afstand op alle 6 de kavels.

De berekeningen zijn gedaan voor oplopende frequenties vanaf 23 Hz. De resultaten zijn steeds weergegeven voor drie octaafbanden (31.5, 63 en 125 Hz) om het effect op het laagfrequente geluid van startende vliegtuigen te bepalen. Het effect wordt gemeten ter hoogte van Hoofddorp Noord, op zo’n 2500 m afstand op een hoogte tussen de 1,5 m en 10 m.

De resultaten zijn hieronder samengevat:

  • Voor variant 1 en 4 is een vermindering van het geluid te verwachten. Voor de 31,5 Hz octaafband is het ongeveer -4 dB. Voor de 63 Hz band is het effect 0 en in de 125 Hz is er een kleine afname van 1 dB of minder.
  • Voor variant 2 is in alle octaafbanden een vermindering te verwachten. Respectievelijk -4, -2 en -5 dB. Voor variant 5 is de verwachte vermindering kleiner. Respectievelijk -1, 0 en -1 dB.
  • Variant 3 laat geen significant effect zien.
  • Voor variant 6 is een verhoging van het geluid te verwachten. Respectievelijk -1, +3 en +1 dB.

De resultaten tonen aan dat bij de schuine opstellingen van zonnepanelen geen toename van het laagfrequent grondgeluid te verwachten is. Wanneer de panelen verticaal worden geplaatst kunnen de weerkaatsingen tussen de panelen wel zorgen voor een verhoging van het geluidsniveau. Het verschil in geluidsniveau is afhankelijk van de aantallen en de geometrie van de zonnepanelen. TNO beveelt daarom aan om per situatie het effect op het geluid te bepalen. Voor vergelijkbare situaties en afstanden, zoals richting het zuidwesten vanaf de Zwanenburgbaan, zijn vergelijkbare effecten te verwachten. Maar, bij afwijkende situaties wordt aanvullend onderzoek aanbevolen.