Taalhuis medewerkers

Taal opent deuren

21 september 2022
Nieuws

Haarlemmermeer kent een Taalhuis en vier Taalpunten: in Badhoevedorp, in het Spaarne Gasthuis in Hoofddorp, in Nieuw-Vennep en in Zwanenburg. Vrijwilligers van het Taalhuis geven advies aan laaggeletterden die de taal beter willen leren lezen en/of schrijven. Taal is een belangrijk instrument om mee te kunnen doen in de samenleving. Daarom is het werk van het Taalhuis zo belangrijk. Aan het woord is Maarten Vonk, vrijwilliger bij het Taalhuis in de bibliotheek in het Cultuurgebouw in Hoofddorp.

Hoe vinden mensen het Taalhuis? 

Maarten Vonk: “Het is niet altijd makkelijk om de mensen te bereiken, juist omdat het gaat om mensen die de taal niet goed beheersen. Bij Nederlandstaligen die laaggeletterd zijn, is er veel schaamte. Ook weten ze vaak de weg niet naar instanties. Als mensen in de bibliotheek vragen hebben over lezen en schrijven, komen ze bij ons aan de balie. Of een van de partners van het Taalhuis, zoals MeerWaarde, verwijst mensen door naar ons. We hopen vooral dat mensen ons via de bibliotheek weten te vinden. De kinderen komen met school naar de bibliotheek. Zij kunnen dan hun ouders wijzen op het Taalhuis.”

Het gaat niet alleen om laaggeletterde Nederlanders. Maarten: “Er komen ook hoog opgeleide kennismigranten, die werken voor internationale bedrijven. Een groot deel wil in Nederland blijven en wil de taal beter leren. Dan komen ze via hun gemeenschap of via collega’s bij ons terecht. Afhankelijk van de taalvraag verwijzen wij de mensen dan weer door, bijvoorbeeld naar Taal op Maat, die dan een taalmaatje kan zoeken.” 

Maarten Vonk en Inge de Geus-Kleinlugtenbelt in het Taalhuis in de bibliotheek in Hoofddorp. Foto: Taalhuis

Nederlands leren

De taal leren kan op veel manieren. “Er zijn websites waarmee mensen zelf met taal kunnen oefenen. Taal op Maat biedt met taalmaatjes maatwerk, één op één. Vluchtelingenwerk heeft een laagdrempelig Taalcafé in Hoofddorp en Nieuw-Vennep. Daar gaan alle gesprekken in het Nederlands. Mensen kunnen meelopen met een Taalwandeling, georganiseerd door de bibliotheek in Hoofddorp en in Nieuw-Vennep. Een uurtje wandelen en met elkaar in het Nederlands praten over alles wat je tegenkomt. Als mensen bij ons komen en de taal beter leren, zijn ze daarna supertrots.” 

Laaggeletterden

In Haarlemmermeer is 12 procent van de inwoners laaggeletterd. Maarten Vonk legt uit dat dat vooral gaat om mensen waarvan Nederlands niet de moedertaal is. “Bij Nederlandstaligen gaat het bijvoorbeeld om ouderen van een jaar of 70 met bijvoorbeeld dyslectie. Daar was vroeger op school geen aandacht voor. Dan blijf je dus laaggeletterd.” 

Taal opent deuren 

Sinds twee jaar is Maarten Vonk vrijwilliger bij het Taalhuis. “Ik heb altijd iets met taal gehad. Taal is belangrijk: het opent deuren. Je verbreedt je kennis, je begrijpt dingen eerder. Voor de integratie en participatie is het belangrijk dat mensen die geen Nederlandse achtergrond hebben wel heel goed Nederlands leren. Je thuis voelen begint met de taal. Praten met je collega’s, met mensen in de buurt, op het schoolplein. Het opent ook letterlijk deuren, voor het vinden van werk en het meedraaien in de samenleving.”
Voor Maarten betekent zijn vrijwilligerswerk iets terug kunnen geven aan de maatschappij. “Na jaren in het bedrijfsleven gewerkt te hebben, ben ik vervroegd met pensioen gegaan. Ik vind het belangrijk om wat terug te geven.” 

Vrijwilliger bij het Taalhuis 

Goed luisteren is één van de belangrijkste eigenschappen voor vrijwilligers bij het Taalhuis. Maarten: “Een keer per week zitten we achter de balie. We luisteren goed naar de mensen die bij ons komen: wat is hun specifieke vraag? We inventariseren wat de taalvrager wil, welke opleiding heeft hij of zij, wat is het doel achter de vraag. Regelmatig komt er iemand mee met de taalvrager. Dan is het juist belangrijk om te praten met degene die de vraag heeft, niet met de begeleider. Dat is vaak een uitdaging omdat de vraagsteller geen Nederlands spreekt en vaak ook geen Engels. Als we de vraag en het doel duidelijk hebben, verwijzen we door. Dat kan zijn naar een vrijwillige inburgeringscursus. Dan geven wij aan welke instituten er zijn om de cursus te volgen. We helpen ook met aanvragen van de inburgeringscursus. Wat we vooral niet doen is gelijk allerlei cursussen aanbieden. De mensen moeten vaak een enorme drempel over om bij ons te komen. Begin dan eerst eens met een Taalwandeling. Vraag de mensen om na de wandeling terug te komen om te vertellen wat ze ervan vonden. Dan kunnen we daarna verder kijken wat er bij hen past.” 

Vrijwilliger worden 

Als vrijwilliger bij het Taalhuis kun je echt iets betekenen voor een ander. “Een ander op weg helpen naar een activiteit of cursus waardoor zij de Nederlandse taal beter leren spreken of schrijven.  Mensen die vrijwilliger willen worden kunnen zich aanmelden door een e-mail te sturen naar taalhuis@cpunt.nl. Maar kom vooral bij ons langs, dan zie je in de praktijk wat we doen en of het iets voor jou is.” 

Succes 

Natuurlijk zijn er succesverhalen te delen: Maarten: “Wat ik grappig vond was een Syrische mevrouw die na de inburgering een extra cursus had gedaan. Vervolgens kwam ze terug met vijf vriendinnen. Ze vond dat zij allemaal de taal moesten leren. Zij was heel trots: ze kon met de buurvrouw praten en alleen boodschappen doen. Een ander voorbeeld is een jongen uit Jemen die op zijn zeventiende alleen naar Nederland kwam. Hij werkte op Schiphol en spreekt ontzettend goed Nederlands. Hij kwam glansrijk door de inburgering en wilde graag een extra cursus doen. Dat ging niet door omdat zijn Nederlands te goed was. Dat zijn leuke dingen.”

Maarten Vonk haalt voldoening uit het feit dat hij mensen een stapje verder kan helpen. “We krijgen niet veel feedback, maar we weten dat we mensen verder helpen. Zeker als wij mensen helpen bij hun aanmelding voor een taalcursus, dan lukt dat stapje verder echt wel. Wat belangrijk is, is dat de gemeente de subsidie blijft geven voor mensen die beter de Nederlandse taal willen leren na hun inburgering. Dan blijven de gratis cursussen voor hen mogelijk.”

Wethouder Charif El Idrissi (Werk & Inkomen, Arbeidsmarktbeleid en Inburgering) benadrukt het belang van het werk van organisaties zoals het Taalhuis: “Laaggeletterde inwoners stuiten op allerlei struikelblokken zoals slechtere kansen op de arbeidsmarkt, meer kans op armoede en schulden en een slechtere gezondheid. Tegenwoordig gaat steeds meer online en digitaal. Om daarin mee te kunnen komen is goed kunnen lezen en schrijven essentieel. De aanpak van laaggeletterdheid is daarom een prioriteit van de gemeente.”

Meer weten over het Taalhuis Haarlemmermeer of vrijwilliger worden? Klik op de link.

Of stuur een e-mail naar taalhuis@cpunt.nl.