Lincolnpark: één grasmaaier en touwtjes uit de brievenbus

Deel deze pagina
Publicatiedatum: 
maandag 24-12-2018
Een straat met huizen en tuinen. In elke schuur een grasmaaier. Maar met zijn allen tegelijk maaien, doen de bewoners nooit. Ze hebben eigenlijk aan één grasmaaier in een schuur op een centrale plek genoeg. Toch staan hun schuren vol met dure spullen waarvan het gebruik de aanschaf niet rechtvaardigt.

Uitnodiging 

Het voorbeeld komt van wethouder John Nederstigt (Duurzaamheidsbeleid). Hij heeft net als wethouder Tom Horn (Wonen) een duidelijk beeld van het zogenoemde sociaal eigenaarschap van de leefomgeving. De twee zien graag dat de toekomstige bewoners van Lincolnpark, de geplande woonwijk in het zuiden van Hoofddorp, op deze manier leven, wonen en met elkaar omgaan. Ze delen hun dromen hierover maar ze zeggen er uitdrukkelijk bij dat ze dat alleen maar doen als uitnodiging aan iedereen die wil bijdragen aan de ontwikkeling van Lincolnpark. 

Een huis op een kavel 

Tom Horn:

“Het komt erop neer dat de bewoner van Lincolnpark niet in de eerste plaats de eigenaar van een huis op een kavel is, maar het eigenaarschap van een aantrekkelijk woon- en leefklimaat op zich neemt en daar dus medeverantwoordelijk voor is.” 

John Nederstigt:

“In Lincolnpark komt de totale beweging van kwantiteit naar kwaliteit en van bezit naar gebruik op gang.”

Lincolnpark Circulair moet een voorbeeld worden op het gebied van duurzaamheid, circulariteit en innovatie. Duurzaamheid staat in Lincolnpark voor de balans tussen mensen, milieu en economie. En met sociaal eigenaarschap van de leefomgeving wordt dat evenwicht op een prettige - maar ook natuurlijke en logische manier - bereikt. 

Kale vlakte 

Volgens wethouder John Nederstigt is een harde voorwaarde dat de infrastructuur van de wijk zich uitstekend moet lenen voor sociale duurzaamheid, voor ontmoeting, voor het met elkaar delen van dingen.

“Dus om bij het voorbeeld van die maaimachine te blijven: in de wijk moet op de hoek van de straat een tuinschuurtje staan waar al die spullen van Black & Decker staan en hangen.” 

Het grote voordeel van Lincolnpark, redeneren de wethouders, is natuurlijk dat het nu nog een kale vlakte is en het daarom nog helemaal ingericht kan worden op een manier waardoor die sociale duurzaamheid of dat sociale eigenaarschap van de leefomgeving tot volledige wasdom kan komen.

“In een bestaande wijk kun je elkaars maaimachine ook lenen, alleen heeft iedereen er daar al één. Sociale cohesie lijkt heel erg op sociale duurzaamheid. Alleen wordt het in Lincolnpark zo dat je het faciliteert vanuit de inrichting van de wijk, van meet af aan.” 

Community  

Tom Horn:

“Zo’n schuurtje kan het begin zijn van de vorming van een community. Ik zeg bijvoorbeeld: morgen maai ik tussen tien en twaalf uur. Mijn overbuurman: goed, dan kom ik ‘m om twaalf uur bij je ophalen. Daarvóór ga ik naar het tuincentrum. Moet ik nog iets voor iemand meenemen?” 

“Het kan nog veel verder gaan. Er zijn ongetwijfeld ook mensen die vragen hoe je een perenboom nu het beste snoeit. In een wijk met zo’n 800 huizen zijn er altijd mensen met groene vingers. Misschien zegt er wel één: we hebben toch een lokaal voor gezamenlijk gebruik, ik kom jullie daar vertellen hoe je dat het beste doet. Misschien willen de bewoners wel moestuinen waar ze voor zichzelf en de wijk kunnen telen.”

John Nederstigt:

“Precies. Maar voor die moestuinen moet je dan bij de inrichting al ruimte reserveren.” 

Overbelaste mantelzorgers 

Tom Horn geeft ook overbelaste mantelzorgers als voorbeeld.

“Daar hebben we nu een apart kantoor voor dat voor jou naar vrijwilligers zoekt om je te ontlasten. In het sociaal duurzame Lincolnpark steekt de overbuurvrouw de straat over en legt een kaartje met degene voor wie jij zorgt zodat jij wat anders kunt gaan doen.” 

“Of neem statushouders. Voor negen van de tien mensen is veel statushouders in de straat of wijk hebben een probleem. Zeggen ze. Maar als er een naast je woont en hij belt bij je aan en zegt in gebrekkig Nederlands: ik probleem, dan ga je hem helpen. Dan zijn het gewoon mensen.”

“Of een echte wijkverpleegkundige die gewoon de hele dag in de wijk werkt, als er genoeg mensen zijn met een ‘persoonsgebondenbudget’. Betere inzetbaarheid ook. Formele en informele zorg vloeien in elkaar over. Beter dan die zeven minuten die iemand komt binnenzetten met net aan tijd om de kousen aan te trekken.” 

De lege vlakte waar Lincoln Park straks wordt gebouwd

Op deze lege vlakte wordt Lincolnpark straks gebouwd.

Van tevoren opwarmen 

Maar tegen wie zeggen de twee wethouders dit nu eigenlijk allemaal, het  is nu toch geheel onbekend wie er in Lincolnpark komen wonen? John Nederstigt:

“Op het moment dat ze kunnen intekenen, voor koop- of huurwoningen, leven ze daar in de maanden die volgen naartoe. Dan groeit het besef: ik kom in de meest circulaire wijk te wonen.”

Tom Horn:

“En daar moeten ze van tevoren voor worden opgewarmd.” 

John Nederstigt:

“Normaal lees je in een brochure: u krijgt lichtrode dakpannen en dubbel glas en uw tuinschuurtje is gemaakt van palissander hout. In het geval van Lincolnpark staat er juist veel over wijk- en gemeenschappelijke voorzieningen. Die sociale duurzaamheid wordt een essentieel onderdeel van de marketing.”

“Maar het is net zo belangrijk dat de marktpartijen, de projectontwikkelaars en de andere bouwers van de wijk, dit mee krijgen. Zij moeten hierop inspelen. Zij moeten beseffen: we moeten nog een stuk openlaten dat de bewoners gaan invullen, bijvoorbeeld met groen en met de mogelijkheid om appels en peren te plukken.” 

Glazenwasser 

Tom Horn:

“Misschien moet je voor de bewoners een stap verder gaan en nadrukkelijk stellen: u bent alleen kandidaat-bewoner als u iets voor de wijk meebrengt en u bereid bent om uw talent in te zetten in de wijk. En als er iemand verhuist en er komt een nieuwe bewoner, die moet zich dan serieus dezelfde vragen stellen. Ik pleit niet voor juridische constructies om streng te kunnen zijn op ‘ons soort volk’ Laten we éérst dromen over hoe je zo’n wijk kan laten groeien.” 

John Nederstigt:

“Met z’n allen diensten afnemen in plaats van ieder voor zich, is ook sociale duurzaamheid. Bijvoorbeeld van de glazenwasser. Een onderhoudscontract afsluiten met een schilder is ook een mogelijkheid. Je neemt dan gezamenlijke verantwoordelijkheid om de wijk mooi en netjes te houden.” 

John Nederstigt:

“Je gaat ook krijgen dat het ene huis beter ligt ten opzichte van de zon dan het andere en de een maar drie en de ander zeven zonnepanelen op zijn dak heeft liggen en dat de bewoners ervoor kiezen om als wijk zonne-energie op te wekken in plaats van ieder voor zich.”

Businessmodel 

John Nederstigt:

“Natuurlijk zitten er ook economische aspecten en businessmodellen achter sociale duurzaamheid. Er zou een schilder kunnen opstaan die zegt: ik ben de schilder van de wijk en ik kom er ook wonen. En ik schilder de school er bij. Het gaat erom dat je een bepaald voordeel moet kunnen genieten, profijt moet kunnen hebben. Dat kan iets zijn dat je op je eigen bankrekening merkt. Maar ook iets waarvan de wijk als geheel van opknapt.” 

“Nu run ik een tuincentrum en lees ik dit verhaal. Dan denk ik: normaal verkoop ik enkele tientallen grasmaaiers in zo’n nieuwe wijk maar in Lincolnpark gaat me dat niet lukken. Wat me wel lukt, is de duurste, lees: meest duurzame en onderhoudsarme grasmaaier verkopen en ik bied dan als ik slim ben de hele wijk aan om de tuintjes in te richten. En ik nodig de bewoners twee keer per jaar uit voor een workshop fruitbomen. Een heel ander businessmodel. Ik voeg kwaliteit toe. Ik zorg ervoor dat er minder wordt weggegooid. Ik verkoop meer inzet en expertise dan grasmaaiers.” 

Touwtjes uit de brievenbussen 

John Nederstigt zegt ervan overtuigd te zijn dat diep in zijn hart iedereen graag in zo’n wijk 'waar de touwtjes uit de brievenbussen hangen' wil wonen.

“We zoeken eigenlijk allemaal een buurman die dat ook durft en wil. Dan voelen we ons senang bij dat sociaal eigenaarschap.” 

“Een sociaal duurzame wijk is een wijk die over tien jaar net zo boeiend is om in te wonen als aan het begin. In de jaren tachtig en negentig zijn wijken gebouwd die nu impulsen nodig hebben, van de overheid of van de corporatie, om er weer wat van te maken. In Lincolnpark doen de bewoners het zélf, zorgen ze er zelf voor dat hun wijk in fysieke zin goed in elkaar blijft steken en dat de manier waarop mensen met elkaar leven en naar elkaar omkijken sociaal duurzaam is.” 

“Echt, mensen zijn zo ontzettend klaar met dat langs elkaar heen leven en dat alsmaar meer consumeren. Ze worstelen met de vraag: hoe moet ik dit veranderen? Lincolnpark is een antwoord."

“Waarom stijgt de afname van biologische producten in supermarkten jaar in jaar uit? Mensen zijn steeds bewuster. Ze willen ook van alles maar je moet hen helpen, dan gaat het sneller.” 

Eigenaarschap 

Tom Horn:

“De mensen die roepen dat wij de waarde van Zwarte Piet moeten behouden. Hebben die echt wat met Zwarte Piet? Nee, ze hebben het gevoel dat ze nergens meer eigenaar van zijn, herkennen het land of de wijk niet meer. Ik krijg geen werk, geen huis en die statushouders wél, zeggen ze. Toch is er een groot gemeenschappelijk doel. Dat zien we niet meer omdat we reageren vanuit verschillende emoties, vanuit onderbuikgevoelens.” 

“In Lincolnpark ben je ongeacht je inkomen, of je nu in een huur- of koophuis woont, sociaal eigenaar van je eigen leefomgeving. Als er iets mis is, kun je niet meer zeggen dat dat de schuld is van die verdomde gemeente. Bespreek het in de app met elkaar, ga naar de ledenvergadering van de vereniging van eigenaren en vertel hoe het anders moet. Wie doet er met ons mee? De tijd is rijp voor Lincolnpark.”

De gemeente wil Lincolnpark Circulair samen met marktpartijen en bewoners ontwikkelen. Wie net als Tom Horn en John Nederstigt dromen en ideeën heeft wat er nodig is om eigenaarschap en sociale duurzaamheid in deze toekomstige wijk te stimuleren, kan een reactie sturen naar: lincolnpark@haarlemmermeer.nl. De gemeente geeft de ideeën straks mee aan de ontwikkelaars.