Directeur Maatvast: ‘We houden de verbinding’

Deel deze pagina
Administratie en schoonmaken. En brieven versturen aan medewerkers en vrijwilligers. Dát kan nog wel bij Maatvast, de organisatie die een fors deel van de sociaal-culturele accommodaties in de gemeente beheert en exploiteert. Maar de 26 dorpshuizen, buurt- en wijkcentra zijn gesloten. Dat betekent dat er geen activiteiten zijn en dat er van ontmoeting in al die gebouwen voorlopig geen sprake kan zijn.

Geen gerinkel van koffiekopjes, geen maaltijden, geen cursussen, geen kreten van vreugde of teleurstelling bij koersbal. Directeur-bestuurder Maarten Askamp van Maatvast zegt op de website van Maatvast dat hij de leukste baan van Nederland heeft. Er is niets mooiers dan het samenbrengen van mensen, redeneert hij. Maar als er vanwege het coronavirus iets juist niet moet gebeuren, is het precies dát. Aan zijn echte werk komt hij dus niet toe. Hij richt zich geheel op crisismanagement, vertelt hij in een telefoongesprek met wethouder Marjolein Steffens-van de Water. “Maar het gaat goed.”

Het dorpshuis in Badhoevedorp

Het dorpshuis in Badhoevedorp. Foto: Henk Roolvink fotografie

Inkomstenderving

Net als de andere leden van het college belt wethouder Steffens dezer dagen met “sleutelfiguren” die actief zijn op de verschillende beleidsvelden waarvoor de bestuurders verantwoordelijk zijn.   
Waar hij tegenaan loopt, wil wethouder Steffens weten. Askamp:

Inkomstenderving. De structurele huur loopt door maar de incidentele huur, een inkomstenbron, staat stil. Net als de horeca-inkomsten. Misschien moeten we overgaan tot werktijdverkorting. Dat gaan we na. Hier hebben we echt zorgen over, zeker als het langere tijd duurt.

De beheerders van de verschillende gebouwen die Maatvast onder zijn hoede heeft, zijn telefonisch bereikbaar voor de vrijwilligers, vertelt Askamp. Het dorpshuis in Badhoevedorp is nog wel gedeeltelijk open. Dat is omdat hier ook de GGD (Gemeentelijke Gezondheidsdienst) is ondergebracht. 

Jaarcijfers

Het eigen kantoor van Maatvast, in Hoofddorp, is beperkt bezet. “Jaarcijfers”, legt Askamp uit, “dat moet toch gebeuren.” Vrijwel alle gesprekken worden er telefonisch gevoerd. Voorraden gaan naar de Voedselbank Haarlemmermeer. “We houden de verbinding, we zetten daar extra op in”, zegt de directeur-bestuurder. Zo is er bijvoorbeeld ook opvang in de persoonlijke sfeer geregeld voor bezorgde medewerkers.
Tegelijk moet hij tot zijn grote verdriet heel veel afblazen. Zoals een reis naar en een documentaire maken met jongeren over Auschwitz. “We houden rekening met scenario’s die verder reiken dan 6 april.”

 

Gepubliceerd op: 
24 mrt 2020