De groei en bloei van PARK21

Deel deze pagina
Publicatiedatum: 
woensdag 03-10-2018
PARK21 groeit en bloeit. Dat is kort samengevat de staat waarin het recreatiegebied van duizend hectare tussen Hoofddorp en Nieuw-Vennep verkeert.

De bewijzen: er is steeds meer te doen en het aantal bezoekers, uit Haarlemmermeer en de regio, groeit. Verder zijn er 160 initiatieven voor PARK21 aangedragen. Van een wijnboer die zijn deuren wil openzetten voor het publiek tot een plan met vrij rondlopende paarden en alles wat daartussen zit. En voor het vrijetijdsdeel (in het oosten bij rijksweg 4) - waarvoor een organisatie onder de noemer Holland World plannen maakt - is zo’n zestig tot zeventig procent van de financiering voor de investering van circa een miljard euro gevonden.  

Versnelling 

De wethouders Tom Horn en John Nederstigt, beiden verantwoordelijk voor PARK21, zijn enthousiast over de stand van zaken zoals beschreven in de voortgangsrapportage PARK21. Wethouder Tom Horn:

“PARK21 verbindt de stad met de ommelanden. Er is behoefte aan. Dat wisten we al, maar nu is het er ook echt. Er kan gebruik van worden gemaakt. We zijn er al een tijd mee bezig en we zijn er ook nog niet klaar mee. Maar zo’n enorm groot gebied, dat doe je dan ook niet even op een namiddag en zeker niet alleen als gemeente.” 

Maar sinds de zogenoemde herijking in 2016 is er volgens wethouder Tom Horn sprake van een versnelling. Hij en collega-wethouder John Nederstigt gaan wat minder uit van een eindplaatje dat ze samen met partijen moeten realiseren.

“We zeggen nu: wij maken een basisinrichting met wegen waar de verschillende grote projecten kunnen landen. We werken daarbij met uitnodigingsplanologie: wij vertellen ongeveer wat we willen en partijen kunnen daarop inschrijven.”

De boer op 

Sinds die koerswijziging hebben verschillende partijen, ondernemers en stichtingen in totaal 160 initiatieven ingediend. Wethouder John Nederstigt:

“We hoeven steeds minder de boer op met PARK21, initiatiefnemers komen naar ons toe.” 

Tom Horn:

“Het is niet zo dat ze het alle 160 gaan redden. Een aantal past niet en is ook niet passend te maken. Maar het kan ook dat door initiatieven met elkaar te verbinden er méér dingen mogelijk worden. Neem het Museumpark, nu nog in Nieuw-Vennep gevestigd. Als dat met zijn oude voertuigen een plek in PARK21 krijgt en zijn oude bussen of treinen daar ook laat rondrijden en je maakt een koppeling met onderwijs… Ik zeg niet dat het er zo gaat uitzien maar wij zijn wel voor multifunctionaliteit, want dát vergroot de kracht van PARK21.”

Maar ook nu al is er veel te doen in PARK21. Tom Horn en John Nederstigt noemen het klimpark, de biomoestuin, het honkbalstadion, landgoed Kleine Vennep en de vele mogelijkheden om te wandelen, fietsen en te sporten.


PARK21 Zomerweken

De openluchtbioscoop op Landgoed Kleine Vennep was goed voor zo'n 375 bezoekers. Foto: Danny de Casembroot

Zeespiegel 

Over Holland World waaraan een organisatie in stilte werkt, kunnen de twee wethouders zeggen dat het de bedoeling is om hotels te koppelen aan thema’s waarmee het verhaal over het ontstaan van Holland wordt verteld. Een betere plek dan de polder om dat te doen, is er niet, stellen de twee wethouders. 

“Waar kun je beter het gevecht tegen het water laten zien dan vijf meter onder de zeespiegel?” 

Wethouder John Nederstigt verwacht dat de deuren van Holland World over vijf of zes jaar open kunnen. Op de vraag wanneer PARK21 af is, antwoord hij:

“Nooit. Ondernemers zullen blijven innoveren en dat past ook bij PARK21."

Festivalterrein 

Ook de verwachtingen rond het evenemententerrein bij de Rijnlanderweg, waar nu Meergrond is, zijn hooggespannen. ID&T en Mojo zijn bereid om samen met de gemeente het terrein vorm te geven. Letterlijk en figuurlijk van de grond af aan, verduidelijkt wethouder Tom Horn. Het zal in elk geval geen festivalterrein worden met een stinkende diesel erop, zegt hij erbij. 

“Ook hiervoor geldt weer dat er combinaties mogelijk zijn. Niet iedere festivalbezoeker is dol op kamperen. En met de hotels van Holland World in de buurt zijn er alternatieven.” 

Bestemmingsplan 

Veel partijen met plannen voor PARK21 zitten te wachten op het bestemmingsplan en de milieueffectenrapportage. De wethouders hadden verwacht dat deze nog dit jaar zouden komen maar er is meer tijd nodig dus deze belangrijke stukken komen in 2019. Dat er meer tijd nodig is, verbaast hen niet. Wethouder Tom Horn:

“Het is geen old school bestemmingsplan, het heeft een experimenteel karakter, daar hebben we ook een speciale status voor gekregen. Dat heeft allemaal te maken met de die uitnodigingsplanologie.” 

Boeren 

Zeer bepalend voor de verdere ontwikkelingen in PARK21 zijn ook de boeren, stelt wethouder John Nederstigt. Zij zijn met een andere bedrijfsvoering en een andere houding, zoals hij zegt, aan de gang in PARK21. Ook zij gooien hun deuren open voor het publiek. De boeren in het gebied zijn niet langer op zoek naar meer hectares om dezelfde omzet met suikerbieten te kunnen bereiken. Maar de boer die op de old school manier wil dóórboeren in PARK21, wordt niet onteigend, zegt hij erbij.

Als voorbeeld van een boer die in PARK21 een andere weg is ingeslagen, noemt hij Pieter Bijlsma. Die is de biologische kant op gegaan, andere gewassen gaan telen met een hogere marge per vierkante meter, legt wethouder John Nederstigt uit. Pieter Bijlsma kan voor zijn tarwe een betere prijs vragen aan de bakker die op zijn beurt een betere prijs voor zijn brood kan vragen aan de klant.

“Wij helpen de boeren als ze hun kans willen grijpen in Park21 bij nieuwe vormen van bedrijfsvoering."