Busje komt zo

Deel deze pagina

Over bussen zijn veel liedjes gemaakt. ‘Het busje komt zo’ van het trio Höllenboer is misschien wel het bekendste Nederlandse voorbeeld. Het Britse The Who maakte met ‘Magic Bus’ zelfs internationaal furore. In Haarlemmermeer moeten we het doen met de servicebussen en sinds een aantal jaren de stratenmakersbussen. Daarover zijn (nog) geen liedjes gemaakt. Maar nu dus wel een blog.
 
Ik sprak kort geleden tijdens het stafoverleg met ambtenaren van Beheer en Onderhoud over die stratenmakersbussen. Over nut en noodzaak ervan. Tijdens het gesprek raakte ik er opnieuw van overtuigd dat we destijds met het invoeren van die bussen een gouden slag hebben geslagen. Zowel qua beheer en onderhoud als qua dienstverlening als qua gebiedsgericht werken als qua arbeidsparticipatie. Eigenlijk zijn die beroemde  liedjes van Höllenboer en The Who nog veel te min voor onze lokale superbussen!
 
Er rijden al servicebussen rond in de drie gebieden (Noord, Midden en Zuid). Aan boord daarvan bevinden zich generalisten. Medewerkers die vijf dagen per week op uiteenlopende klusjes en klussen af rijden. Het omvergereden paaltje, de scheef liggende tegel, de put die los zit en allerlei ander ongerief in de fysieke leefomgeving.
Vaak krijgen ze hulp van een collega die voorheen kampte met, zoals dat klinisch wordt gedefinieerd, een afstand tot de arbeidsmarkt. Ik maak daar nu even van: iemand die niet aan de bak kwam. En die nu dus zeer nuttig werk verricht. Zichtbaar voor de inwoners. Want het zijn diezelfde inwoners die al die mankementen melden met de vanzelfsprekende en terechte verwachting dat ze worden verholpen. Zeg maar: gebiedsgericht werken. En voor gebiedsgericht werken geldt: een beetje snel graag, als dat kan.
En precies op dat laatste punt begon het op een gegeven moment te wringen. ‘Het busje komt zo’ klonk niet overtuigend meer en magie was helemaal ver te zoeken. Vooral als het ging om wat meer grootschaliger klussen, groter dan tussen de vijf en tien vierkante meter. Bijvoorbeeld de stoepen en straten voor een heel huizenblok op orde brengen. Het type werk dat te klein is voor het tafellaken en te groot is voor het servet.
Een melding over een hele stoep of straat die er schots en scheef bij ligt en voor mensen met een rollator of kinderwagen een grote uitdaging is, doe je niet af met opname in het reguliere onderhoudsschema. Dan gaat het allemaal te lang duren. Maar een stel overigens prima functionerende generalisten afsturen op 30 of meer vierkante meter schots en scheve straat, dat wordt een straten maker op zee show.
 
En zo werd de stratenmakersbus geboren. Met aan boord gecertificeerde stratenmakers en vaklieden in opleiding. In alle drie de gebieden rijdt er nu één zo’n bus. Verlegen om werk hebben ze nog niet gezeten. Ze zijn niet meer weg te denken. Zonder deze bussen zouden dit soort achterstanden niet of nauwelijks zijn weg te werken.
Het zijn bussen om blij mee te zijn, zelfs een beetje om van te houden.

Marjolein Steffens-van de Water

Marjolein Steffens - van de Water, wethouder Jeugd, Fysieke Leefomgeving, Dienstverlening, Participatie, Doelgroepenbeleid, Beheer en onderhoud.

  
 
     
   
Gepubliceerd op: 
16 apr 2019