Afscheid van twee gebiedsmanagers

Deel deze pagina
Ze zijn hèt aanspreekpunt voor de inwoners van Haarlemmermeer: de gebiedsmanagers. Zij zorgen er met hun team voor dat het geluid van de inwoners gehoord wordt. Nu, aan het einde van 2019, nemen er twee afscheid. Om verschillende redenen. Hannie van den Bosch, gebiedsmanager in Haarlemmermeer West gaat genieten van haar welverdiende pensioen. Maarten Treep maakt de overstap naar de gemeente Utrecht. Hoe kijken zij terug op hun Haarlemmermeerse tijd?

Hoogtepunten

Hannie was gebiedsmanager sinds de introductie van de functie, in 2006. Maarten heeft de job ruim drie jaar gedaan. Wat waren voor hen de hoogtepunten van die periode?
Hannie van den Bosch: “De vele gesprekken die ik tijdens bewonersavonden heb gevoerd en de mooie verhalen die loskwamen over het wonen in Haarlemmermeer, de verschillende culturen in de kernen. De mooie participatieprocessen zoals bij het Ringdijk- en ringvaartbeleid en de motie van de raad dat er eerst bewogen moet worden en dan bouwen. We zijn een echte ontwikkelgemeente, maar met begrip voor de 150.000 inwoners die er al wonen.” Maarten Treep noemt als eerste de prettige samenwerking met de dorpsraad Nieuw-Vennep. “Een groep actieve en betrokken vrijwilligers met hart voor hun leefomgeving en de mensen die er wonen. Vanuit dat uitgangspunt zijn ze altijd een belangrijke en toegankelijke gesprekspartner geweest voor mij als gebiedsmanager. Ook als er zaken zijn waar de dorpsraad zorgen over heeft, of kritisch kijkt naar afwegingen die de gemeente maakt, dan is er ruimte voor het goede gesprek en respect en waardering voor elkaars rollen. Ook de initiateven of inbreng van inwoners die leiden tot concrete resultaten of verbetering van besluitvorming vind ik een hoogtepunt. Ik denk dan bijvoorbeeld aan de renovatie van het Van Haeringenplantsoen, de verplaatsing van het hondenlosloopgebied in de Bosstraat of de realisatie van het tijdelijke onderkomen van het Nederlands Transportmuseum op het voormalige Fokker/Bols terrein. De verschillende werkbezoeken met burgemeesters en wethouders in het gebied mogen in dit rijtje niet ontbreken.”

Hannie van den Bosch en Maarten Treep. Foto's: Margo Oosterveen

 

Missen

Wat de beide gebiedsmanagers het meeste gaan missen in Haarlemmermeer? Maarten: “De afwisseling tussen de rol als adviseur in de ‘binnenwereld’, de gemeentelijke organisatie, zowel de medewerkers als het bestuur. De rol als aanspreekpunt voor de ‘buitenwereld’, de inwoners, dorps- en wijkraden, ketenpartners. En het stroomlijnen en regie voeren op alle lijntjes tussen deze twee werelden. Geen dag is hetzelfde. Ik heb er veel van geleerd, zowel als professioneel als persoonlijk.” Ook Hannie gaat de contacten met inwoners, ondernemers, ketenpartners en collega’s missen. “Voor mij was de baan als gebiedsmanager vooral interessant omdat je eigenlijk van alle gemeentelijke onderwerpen iets mag vinden. En er zitten veel uitdagingen in. Daar houd ik van: uitdaging om zaken die buiten van belang zijn, goed op de agenda te krijgen. Uitdagingen als het gaat om het vinden van samenhang en samenwerking in de organisatie. Dat lukt trouwens steeds beter. En ik had het voorrecht om vooral in het landelijk gebied te werken. Dat betekende met de oorspronkelijke tien kernen in Zuid en de laatste tijd de vijf kernen in West, ook allemaal kernen met een eigen karakter. En niet alleen Dik Trom was bijzonder, maar ook de kernen in de polder.

Wensen

Hannie: “De inwoners wens ik toe dat het prettig wonen en verblijven is in Haarlemmermeer. Er zijn goede voorzieningen en er zit nog ontwikkeling in. Voor starters op de woningmarkt hoop ik dat er binnen afzienbare tijd betaalbare woningen komen. Ondernemers wens ik toe dat ze prettig blijven ondernemen en ook mooie resultaten op het gebied van duurzaamheid neer kunnen zetten. Dat komt uiteindelijk inwoners ook weer ten goede.”
Maarten heeft ook een wens voor de toekomst: “Dat Haarlemmermeer de gemeente blijft waar ruimte en kansen voor groei en ontwikkeling samen blijven gaan met waardering en respect voor leefbaarheid en prettig wonen, midden in de Randstad.”

 

Gepubliceerd op: 
2 jan 2020