.

Komen jullie buiten spelen!

Het aantal speelplekken in Haarlemmermeer is de afgelopen jaren flink toegenomen. Dat is maar goed ook in een gemeente waar je over de kinderen struikelt. Wat ik trouwens best graag doe, over kinderen struikelen!

Beter is trouwens om ‘struikelde’ te schrijven want het grote aantal peuters, kleuters en basisschoolkinderen loopt terug. Deze demografische ontwikkeling betekent dat we ons speelruimtebeleid moeten bijschaven. Een eerste memo hierover heb ik kortgeleden besproken met mijn ambtenaren.

Uit dat stuk blijkt dat het speelruimtebeleid tot dusverre niet alleen kwantitatief maar ook kwalitatief behoorlijk succesvol is. Zo worden de ruim opgezette speelplekken goed gewaardeerd en zijn ook de trapveldjes populair onder kinderen tussen de 6 en 18 jaar.

Het doel van het speelruimtebeleid is en blijft dat kinderen overal in Haarlemmermeer vrijuit kunnen spelen, sporten en elkaar ontmoeten in de buitenruimte. Het soort speeltoestellen moet natuurlijk wel kloppen met de huidige bevolkingssamenstelling van de wijk of kern. En dat is niet overal meer het geval. Daar gaan we wat aan doen!

Vooral in Floriande en Getsewoud zijn te veel kleine speelplekken met weinig mogelijkheden. In mijn eigen woorden: er staan te veel eenzame wipkippen. Die constatering gekoppeld aan de wetenschap dat ouders en kinderen het niet erg vinden om een blokje om te lopen voor een grotere speelplek waar meer te doen is, brengt de oplossing in zicht.

Maar er moet méér gebeuren.

Zo wil ik de komende periode wat meer werk maken van natuurspelen. Haarlemmermeer telt nu een handvol locaties voor natuurspelen. Dat zijn speelplekken zonder speeltoestellen. Kinderen bedenken hier hun eigen spel, met water en zand en ook nog wat oude boomstammen en andere natuurlijke materialen. We hebben er nog niet zo veel ervaring mee. De plekken die we hebben, worden nog niet zo intensief gebruikt.

Eén van de oorzaken is dat voor scholen natuurspelen onhandig is. Dat heeft te maken met aan schoenzolen klevende blubber die de kinderen naar binnen lopen. Ik denk dat een kind dat zich in schooltijd amuseert in een natuurspeeltuin, daar ná schooltijd graag terugkeert. En ik vind modder aan je schoenzolen een te klein probleem om het natuurspelen in de ban te doen. “Kaplaarzen aan!” roep ik.

Ook zou het kunnen helpen als we er bordjes neerzetten waarop duidelijk is te zien dat het juist de bedoeling is dat je op deze plekken speelt. Ook voorkomen zulke bordjes vingerwijzen van omwonenden.     

Hoog op mijn wensenlijst staat ook: minstens één speeltuin creëren in onze gemeente die geheel inclusief is. Voor het geval u ‘inclusie’ een jeukwoord of containerbegrip vindt, ik bedoel een speeltuin waar alle kinderen, met of zonder beperking, samen kunnen spelen. Of ze nu wel of niet gezond van lijf en leden zijn. En of ze nu juist wind in de rug of juist tegenwind ervaren.

Het lijkt me dat u daar geen jeuk van krijgt maar wild enthousiast van wordt. Net als ik zelf.

Ik heb nog een tranen trekkend onderzoekscijfer voor u, mocht u de urgentie van zo’n inclusieve speeltuin niet direct ziet: 85 procent van de kinderen die speciaal onderwijs volgen, heeft geen vriendjes in hun eigen buurt. Om te huilen..

Ik deel de overtuiging die is vastgelegd in het zogenoemde SamenSpeelAkkoord dat kort geleden is gesloten tussen ministeries, brancheorganisaties en organisaties die zich inzetten voor spelende kinderen: de inclusieve samenleving begint met de mogelijkheid dat àlle  kinderen samen buiten kunnen spelen. 

Als koplopergemeente inclusie is Haarlemmermeer aan zijn stand verplicht om met dat SamenSpeelAkkoord in de binnenzak zo’n inclusieve speeltuin uit de grond te stampen.

“Komen jullie buiten spelen!” roep ik dan. En nee, dat uitroepteken moet geen vraagteken zijn.  

Wethouder Marjolein Steffens – van de Water (Fysieke leefomgeving, Jeugd & Onderwijs, Vastgoed en Doelgroepenbeleid)

 

Gepubliceerd op: 
19 dec 2019